Kerk anno 1910 

Het voormalig éénbeukig gotisch kerkje, met toren die na brand in 1762 hersteld was, werd afgebroken in begin 19de eeuw. Het ca 1850-60 herbouwde bedehuis, dat ten oosten van de IJzer lag, werd tijdens de oorlog 1914-18 volledig verwoest.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Na de eerste wereldoorlog kwamen er ook plannen voor een nieuwe parochiekerk.

 

Op 21 juli 1924 werd de nieuwe tweebeukige kerk (opgetrokken in historiserende neogotische stijl) gewijd. Deze nieuwe kerk ligt ten westen van de Ijzer, ca 700m meer in de richting van Nieuwpoort.
Sint-Joris was na de oorlog van 1914-1918 één grote puinhoop. Het enige wat nog van de toenmalige kerk overbleef, was het belletje, dat tot op heden nog altijd klingelt aan de consecratie.

Op 18 juni 1924 stuurde E.H. Jos. Vadenabeele een uitnodiging naar alle parochianen om hen uit te nodigen tot de wijding van de nieuwe kerk. In processie wordt er om 9 1/2 uur vertrokken aan de oude kerk, om dan te wandelen naar de nieuwe kerk.


Begin juli 1924 werd E.H. Arthur De Brie als pastoor aangesteld. Bij zijn aankomst, vindt pastoor De Brie in zijn kerk enige oude meubelen uit de noodkerk. Hij moet dus van voor af aan opnieuw beginnen. Achtereenvolgens komen er een communiebank, een biechtstoel en een preekstoel. Hij moet ook nog zorgen voor nieuwe misgewaden.

Het jaar erop komt er een nieuw altaar en ook brandglazen (giften van de familie De Brie).Dan volgen een harmonium en 2 klokken. Deze klokken werden gewijd door de deken van Veurne. Op de grootste klok staat : 'Mijn naam is de H. Georgius. Ik werd in 't jaar 1926 door M. Slegers Gausard van Tellin gegoten. Toen was pastoor E.H.A. De Brie. Mijn peter M.H.Hillewaere burgemeester, mijn meter Vr. C.L. Maes.' Op de kleinere : 'Mijn naam is O.L.Vrouw. Ik werd in 't jaar 1926 gegoten door M. Slegers Gausard van Tellin. Toen was pastoor E.H.A. De Brie. Mijn peter is Charles Theunynck kerkmeester, mijn meter Eliza Averyn.


In 1933 komt de nieuwe bisschop, Mgr. Lamiroy, de nieuwe kerk consacreren, ter herinnering worden 12 kruisjes op de muur aangebracht.


In 1942 halen de duitsers een klok uit de toren.


1955 : er komt een nieuwe klok : 'Mijn naam is O.L.Vrouw. Ik werd in 't jaar 1955 door M. Michiels Jr van Doornik gegoten, gewijd door Mgr. Desmet, Bisschop van Brugge. Toen was pastoor E.H. Edw. Sanders. Mijn peter is Heer Marcel Lammerant, kerkmeester, mijn meter is Mevrouw Camiel Hillewaere-Willem.


1958/1959 schenkt Mevr. Claeyssens de toenmalige pastoor E.H. Verstraete een nieuw altaar. Hij bracht immers een nieuwe wind in de kerk. Voortaan celebreerde hij de mis met zijn gezicht naar de gelovigen. De oude houten stoelen werden vervangen en er kwamen tapijten onder de stoelen. De kolenkachel gaat naar een oudijzerhandelaar en in plaats komt een verwarming met warme lucht. De biechtstoel verhuist naar achter in de kerk en de preekstoel wordt opzij gezet.

Orgel : Voor de eerste wereldoorlog was er een orgel aanwezig van Pieter Loncke (Hoogstade), gebouwd tussen 1843 en 1865; het is niet bekend of het een volledig nieuw instrument betrof, het werd vernield in 1914.
In 1929, na de heropbouw van de kerk, werd een klein occasieorgel geplaatst, dat voordien (tussen 1921 en 1929) dienst had gedaan te Boezinge.
In 1932 komt er ook een nieuw orgel, het staat opzij van het oksaal.
Het orgel van 1932 is versleten en omdat de kosten om te herstellen te groot zijn, wordt er een nieuw aangekocht. Op 19-12-1970 wordt het gewijd en bespeeld door de heer Stefaan Dombrecht, organist aan de hoofdkerk te Oostende. Dit orgel werd gebouwd en gesigneerd door Jos.Loncke en Zonen uit Diksmuide